Zand uit de kruipruimte weghalen kan met een schep of met een zuigslang. Voor een kleine hoeveelheid die direct bij het luik ligt, kan handmatig scheppen genoeg zijn. Ligt het zand verder onder de vloer of moet er veel weg, dan is een zuigwagen meestal praktischer. Laat vooraf bepalen hoeveel zand weg kan zonder de fundering of leidingen in gevaar te brengen.
Zand uit de kruipruimte weghalen met een zuigslang
Bij zandzuigen gaat een flexibele slang via het kruipluik de ruimte in. Een zuigwagen trekt het losse zand door de slang naar een opvangbak. Zo hoeft het zand niet in emmers door het huis te worden gedragen.
De slang is wendbaar, maar bereikt niet vanzelf elke plek. Tussen funderingsmuren of rond leidingen kan het nodig zijn om de slang te verplaatsen of zand voorzichtig los te maken. Nat of vastgepakt zand is lastiger op te zuigen dan droog, los zand. Ook stenen en ander materiaal kunnen de slang verstoppen.
De zuigwagen moet op een geschikte plek bij de woning kunnen staan. Geef bij een aanvraag door waar het kruipluik zit, hoe ver de wagen daar ongeveer vandaan kan staan en of er obstakels zijn op de route van de slang. Spreek ook af of het opgezogen zand wordt afgevoerd.
Wanneer kun je zand met de hand weghalen?
Een klein hoopje zand vlak bij een ruim kruipluik kun je soms met een handschep en een emmer verwijderen. Schep alleen zand weg dat je goed kunt zien en bereiken. Een ondiepe ruimte in kruipen om verderop te scheppen is geen verstandige oplossing: je hebt weinig bewegingsruimte en kunt in de problemen komen door slechte lucht of een onverwacht obstakel.
Handmatig werken kost veel tijd als het om meer dan een kleine hoeveelheid gaat. Zand is zwaar en een volle emmer moet steeds via het luik omhoog. Is het zand over een groot oppervlak verspreid, dan bespaart een zuigslang veel tilwerk.
Wat spreek je af voordat het zand weggaat?
Geef duidelijk aan op welke plekken zand moet worden verwijderd en wat het doel is. Bijvoorbeeld: een leiding vrijmaken of ruimte maken voor werkzaamheden onder de vloer. Dat voorkomt dat er meer zand wordt weggehaald dan nodig is.
- Fundering: laat een deskundige beoordelen waar en tot welke diepte zand weg kan. Graaf niet zomaar langs of onder de fundering.
- Leidingen en kabels: geef aan waar ze lopen en laat er voorzichtig omheen werken. Een zuigslang voorkomt niet automatisch schade.
- Bereikbaarheid: maak de route naar het luik vrij en zorg dat het luik open kan.
- Afvoer: spreek af wie het zand meeneemt en wat er gebeurt als er ander materiaal tussen zit.
Maak na het weghalen van het zand een foto van de bodem en de zichtbare leidingen. Dat geeft een handig beeld van de situatie voordat de volgende werkzaamheden beginnen.
